Liesbeth List
Liesbeth List - De Anderen lyrics
Your rating:
Ze praten zoveel, ze wikken en wegen. Ze denken zo veel, ze zijn altijd tegen. Ze weten zo veel, ze zijn met zo veel, De anderen. Over jou en mij overwegen zij Het voor en het tegen En zon en regen. Kale wijven, blik van ijzer. Dode vijvers, houten lijven. Want weten zij veel, weten zij veel, Dat we samen zon en sneeuw zijn. Dat we samen bron en zee zijn. En dat jij mijn lijf doet smelten Als de dooi het ijs in de gracht, Als jij naar me lacht, Ze ratelen zo veel, fluisteren en graaien. Ze kakelen zo veel, luisteren en kraaien. Ze weten zo veel, ze zijn met zo veel, De anderen. Hun blikken kleven aan onze haren. En als we beven, blijven ze staren. Hoor ze hikken achter 't behang. Zie ze stikken, ze zijn zo bang. Want weten zij veel, weten zij veel, Dat ik je hoor al spreek je niet, Dat je me hebt al beweeg je niet, Dat ik mij in jou voel smelten, Dat ik dooi als het ijs in de gracht Als jij naar me lacht.