Ijsvogels heeft ze in kooien
en goudvis in de kom.
Angst heeft ze voor de jaren
dat de hartstocht verstomt.
Aan vele minnaars heeft ze
de liefde afgezien,
die wreed was en eenzelvig
een soort van pantonime.
Ze zegt,ze is vergeten
gevoelens die ze had,
waar nachtenlang op feestjes
gevrijd werd op de trap.
Toen was er muziek en platen
toen was het nog vroeg genoeg,
toen een meisje een spijkerpak
en een jongen leugens droeg.
Brood met rozen eet ze en tulpeboter
voor haar spiegel smeekt ze om jong te blijven,
maar op het afgebladderd spiegelvlak
heeft ze geschreven:
"Op weg tussen Hemel en Hema
reil en zeil ik rond,
'k Heb ijsvogels in hun kooien
en goudvis in zijn kom."
Submitted by RUTH at Thu 23 Aug, 2007 10:20 pm
Last updated by Sanderxx at Mon 12 Aug, 2013 10:52 pm